In het kort
- Een trema voorkomt dat je twee botsende klinkers als één klank leest: knieën, poëzie, geïnteresseerd.
- De puntjes staan op de eerste letter van het nieuwe klankgroepje. Klap het woord om die plek te vinden.
- Binnen één woord gebruik je een trema. Tussen twee losse woorden (een samenstelling) gebruik je een koppelteken: auto-ongeluk.
- Breek je een woord af op de plek van het trema, dan vervallen de puntjes: be-eindigen.
Wat is een trema, en waarom bestaat het?
In het Nederlands vormen sommige klinkers samen één klank. De e en de i worden “ei”, de o en de e worden “oe”, de u en de i worden “ui”. Dat is handig, maar soms hoor je twee klinkers juist apart. In “ruïne” zeg je ru-i-ne, niet “ruine” met de ui van huis. Om dat te laten zien, zet je twee puntjes op de klinker waar het nieuwe stukje begint. Die puntjes heten een trema.
Taalkundigen noemen dat botsen van klinkers klinkerbotsing. De puntjes zijn dus een leeshulp: zonder de puntjes zou iemand die het woord niet kent het verkeerd uitspreken. Je gebruikt het in woorden die niet uit twee losse woorden bestaan: meervouden, woorden met een voorvoegsel en veel leenwoorden.
| Botsing | Zonder trema lees je | Goed geschreven |
|---|---|---|
| e + e | een lange ee | zeeën, ideeën, beëindigen, reëel |
| e + i | ei, zoals in trein | geïnteresseerd, beïnvloeden |
| i + e | ie, zoals in fiets | knieën, financiële, industrieën |
| o + e | oe, zoals in boek | poëzie, poëet |
| u + i | ui, zoals in huis | ruïne, druïde |
| a + i | ai, zoals in haai | naïef, archaïsch |
De trema regels: zo vind je de goede plek
Twijfel je over de puntjes? Gebruik dan dit stappenplan. Het werkt voor bijna alle woorden die je kind op de basisschool tegenkomt:
- Klap het woord in klankgroepjes: na-ief, knie-en, ge-in-te-res-seerd.
- Kijk waar twee klinkers tegen elkaar aan staan. Zou je ze samen als één klank lezen, zoals ei, oe of ee? Dan is er klinkerbotsing.
- Is het één woord of zijn het twee losse woorden? Eén woord, een meervoud of een woord met een voorvoegsel: trema. Twee losse woorden: koppelteken.
- Zet de puntjes op de eerste letter van het nieuwe klankgroepje. Nooit op de letter ervoor.
In een verhaal staat dat de prinses wat goedgelovig is. Je kind wil schrijven: “De prinses was erg naief.” Klopt dat?
- Klap het woord: na-ief. Je hoort de a en de ie apart.
- Zonder teken zou je “ai” lezen, zoals in haai. Dat is klinkerbotsing.
- Het is één woord, geen samenstelling. Dus twee puntjes.
- Zet de puntjes op de eerste letter van het nieuwe stukje, de i: naïef.
na-ïef: zonder puntjes lees je de ai van haai.
Controle: Lees “naief” en “naïef” hardop zoals ze er staan. Alleen met de puntjes klinkt het als het woord dat je bedoelt.
Zo leg je het uit aan je kind. Lees het woord eerst zonder puntjes voor met de ai van “haai”. Je kind hoort meteen dat het niet klopt. Vraag dan: “Waar begint het tweede stukje?” Laat je kind daar met een pen twee puntjes zetten. Zo voelt het dat de puntjes er zijn om het lezen te redden.
Veel trema woorden zijn voltooide deelwoorden of woorden met een voorvoegsel, zoals geïnteresseerd, geïrriteerd, beïnvloed en beëindigd. Hoe je zulke werkwoordsvormen verder schrijft, lees je bij werkwoordspelling.
Het trema oefenen: probeer het zelf
Oefen het trema en het koppelteken
Kies een onderdeel: meervouden, woorden met een trema in het midden, of de keuze tussen trema en koppelteken. Bij een fout krijgt je kind een tip die laat zien waar het moet kijken. Na het goede antwoord volgt de uitleg.
Trema bij een meervoud1 / 3
Kies een antwoord. Daarna zie je de uitleg.
Trema of koppelteken? Het verschil in één vraag
Ook in samengestelde woorden kunnen klinkers botsen. Denk aan een egel die in zee leeft, of een ongeluk met een auto. Toch gebruik je daar geen trema, maar een koppelteken: zee-egel, auto-ongeluk. De vraag die je kind zich stelt is steeds dezelfde: zijn dit twee losse woorden die je allebei apart kunt gebruiken?
| Soort woord | Teken | Voorbeelden |
|---|---|---|
| Meervoud | Trema | zeeën, knieën, ideeën |
| Voorvoegsel (be-, ge-) + woord | Trema | beëindigen, geïnteresseerd |
| Eén woord, vaak een leenwoord | Trema | ruïne, poëzie, naïef |
| Twee losse woorden (samenstelling) | Koppelteken | zee-egel, auto-ongeluk, zonne-energie |
In een tekst over het klimaat staat het woord voor energie uit de zon. Hoe schrijf je het?
- Knip het woord in stukken: zonne en energie.
- Kun je allebei de stukken los gebruiken? Energie is een los woord, en zonne komt van zon. Het is een samenstelling.
- De e van zonne en de e van energie botsen. Bij een samenstelling komt daar een koppelteken: zonne-energie.
Twee woorden die botsen: een streepje ertussen.
Controle: Zoek een woord met dezelfde bouw: zonnebril, zonnebloem. Daar botsen geen klinkers, dus schrijf je ze aan elkaar. Alleen bij botsing komt het streepje.
Zo leg je het uit aan je kind. Een samenstelling zijn twee woorden die hand in hand lopen. Botsen ze met hun klinkers, dan houd je ze met een streepje net uit elkaar, zoals twee eilanden met een brug. Een trema is iets anders: dat gebruik je binnen één woord, als er geen brug tussen twee woorden nodig is.
Het koppelteken komt ook terug bij andere tekens in de zin. Lees daarover meer bij leestekens.
Trema afbreken en trema typen
Afbreken: de puntjes vallen weg
Moet je een woord aan het eind van een regel afbreken op de plek van het trema? Dan laat je de puntjes weg. Het afbreekstreepje laat al zien dat er een nieuw stukje begint. Je schrijft dus be-eindigen, zee-en en ru-ine. Breek je het woord op een andere plek af, dan blijven de puntjes staan.
Een trema typen
- Telefoon of tablet: houd de letter ingedrukt en kies de letter met de twee puntjes.
- Mac: druk op Option + u, laat los en typ daarna de letter: ë.
- Windows met een internationaal toetsenbord: typ eerst het aanhalingsteken en daarna de letter.
Wanneer leert je kind het trema?
Volgens het curriculuminstituut SLO hoort de spelling van woorden met een trema, een apostrof en een koppelteken vooral bij groep 7 en 8. Meervouden als zeeën en knieën komen vaak al eerder voorbij, in groep 6, omdat kinderen dan veel meervouden leren schrijven. In groep 8 komt het trema terug in de doorstroomtoets, bij het onderdeel taalverzorging.
- Groep 6: meervouden van woorden op -ee en -ie: zeeën, knieën, ideeën.
- Groep 7: voorvoegsels en voltooide deelwoorden: beëindigen, geïnteresseerd.
- Groep 8: leenwoorden en het verschil met het koppelteken: ruïne, poëzie, zee-egel.
Deze regel is een van de lastigere onderdelen van de spelling, omdat je kind het niet vaak ziet. Bouw het daarom op na de basisregels. Een overzicht van alle regels per groep vind je bij spelling oefenen.

Zo helpt Hippa je kind met het trema
- Oefeningen met het trema, de apostrof en het koppelteken op het niveau van groep 7 en 8.
- Je kind kiest het goede woord én schrijft het zelf, met de puntjes op de goede plek.
- Bij een fout laat Hippa zien waar het nieuwe klankgroepje begint.
- Deze oefeningen zitten in een complete spellinglijn, van klankzuivere woorden tot leenwoorden.
- In het ouderoverzicht zie je welke spellingregels al goed gaan.
Maandelijks opzegbaar
Per maand
€ 6,99 per maand
Voor 1 kind. Elk extra kind € 4,99 per maand.
Start met Hippa3 maanden gratis + gratis etui
Per jaar
€ 59,99 per jaar
Voor 1 kind. Elk extra kind € 39 per jaar.
Kies het jaarJe betaalt met iDEAL of creditcard. Hippa werkt in de browser op tablet, laptop en computer, en als app op Android.
Veelgestelde vragen
Wat is een trema?
Een trema zijn de twee puntjes op een klinker, zoals in zeeën of ruïne. Ze laten zien dat er een nieuw klankgroepje begint. Zonder de puntjes zou je twee botsende klinkers als één klank lezen, bijvoorbeeld de ui van huis in plaats van ru-i-ne.
Wanneer gebruik je een trema?
Je gebruikt een trema als twee klinkers tegen elkaar botsen en je ze anders als één klank zou lezen. Dat gebeurt in meervouden (knieën), in woorden met een voorvoegsel (beëindigen, geïnteresseerd) en in veel leenwoorden (poëzie, naïef). De puntjes staan op de eerste letter van het nieuwe klankgroepje.
Wat is het verschil tussen een trema en een koppelteken?
Een trema gebruik je binnen één woord, een koppelteken tussen twee losse woorden die samen een samenstelling vormen. Zeeën is een meervoud van één woord, dus een trema. Zee-egel bestaat uit zee en egel, twee losse woorden, dus een koppelteken.
Wat gebeurt er met het trema als je een woord afbreekt?
Breek je een woord af op de plek van het trema, dan laat je de puntjes weg. Het afbreekstreepje laat dan al zien dat er een nieuw stukje begint. Je schrijft dus be-eindigen en ru-ine. Breek je op een andere plek af, dan blijven de puntjes gewoon staan.
Is het ideeën of ideeen?
Het is ideeën. Het woord idee heeft twee e’s, en die blijven staan als je er -en achter zet. Dan botsen de e’s, en daarom krijgt de e van het nieuwe stukje twee puntjes. Zo lees je i-dee-en, zoals je het ook uitspreekt.
In welke groep leren kinderen het trema?
Meervouden als zeeën en knieën komen vaak in groep 6 aan bod. Volgens de SLO-leerlijn hoort de spelling met trema, apostrof en koppelteken vooral bij groep 7 en 8. In groep 8 komt het terug in de doorstroomtoets. De precieze volgorde verschilt per lesmethode.
Bronnen
- Team Taaladvies (Vlaamse overheid), Trema: gebruik
- Team Taaladvies (Vlaamse overheid), Woorden afbreken: regels
- SLO, TULE Nederlands kerndoel 11: taalkundige principes en regels
- Taalunie, Woordenlijst Nederlandse Taal
Deze pagina is geschreven door het Hippa-team op basis van de SLO-leerlijnen en de genoemde bronnen. Laatst bijgewerkt op 21 oktober 2026. Zie je iets dat niet klopt? Mail ons via hallo@gohippa.com.


