In het kort
- Redactiesommen, verhaaltjessommen en verhaalsommen zijn hetzelfde: rekenen in een verhaaltje.
- De meeste fouten ontstaan bij het lezen en kiezen van de som, niet bij het rekenen.
- Een vast stappenplan helpt: lezen, ordenen, rekenen, antwoord controleren.
- Een tekening, strook of tabel maakt zichtbaar wat er gebeurt.
- Vanaf groep 7 hebben veel sommen meerdere stappen, met procenten en verhoudingen.
Wat zijn redactiesommen, en waarom zijn ze zo lastig?
Een redactiesom is een rekenopgave in de vorm van een verhaaltje. Scholen noemen ze ook verhaaltjessommen, verhaalsommen of contextsommen. In plaats van 27 : 4 staat er: “27 kinderen gaan op schoolreis. In elke auto passen 4 kinderen. Hoeveel auto’s zijn er nodig?” Je kind moet zelf ontdekken welke som erbij hoort.
Daardoor vraagt een redactiesom drie vaardigheden tegelijk: begrijpend lezen, de juiste bewerking kiezen en rekenen. Een kind dat losse sommen foutloos maakt, kan bij een verhaaltje toch vastlopen. Vaak gaat het mis bij het lezen. Het kind leest te snel, mist een detail of grijpt naar het eerste getal dat het ziet. Daarom helpt beter begrijpend lezen ook bij rekenen.
Het stappenplan: zo los je elke redactiesom op
Veel scholen gebruiken een vast stappenplan, bijvoorbeeld de LOVA-aanpak: Lezen, Ordenen, Vormen en Antwoorden. Gebruikt de school van je kind een ander plan, kies dan dat plan, zodat je kind thuis en op school hetzelfde doet. De stappen lijken altijd op deze vier:
- Lezen: lees de hele som rustig, en daarna de vraag nog een keer. Wat moet je precies uitrekenen? Onderstreep de vraag.
- Ordenen: welke getallen heb je nodig, en welke niet? Maak een tekening, een strook, een getallenlijn of een tabel. Zo zie je wat er gebeurt.
- Rekenen: schrijf de som op die bij je tekening hoort en reken die uit. Bij meerdere stappen schrijf je elke stap apart op.
- Antwoorden en controleren: schrijf het antwoord als zin, met de goede eenheid: 7 auto’s, 45 minuten, 3,5 kilo. Kan dit kloppen? Schat het antwoord en vergelijk.
27 kinderen gaan op schoolreis. In elke auto passen 4 kinderen. Hoeveel auto’s zijn er nodig?
- Lezen: de vraag is hoeveel auto’s er nodig zijn. Niet hoeveel kinderen er overblijven.
- Ordenen: je verdeelt 27 kinderen in groepjes van 4. Teken rijtjes van 4 stipjes, of gebruik de tafel van 4.
- Rekenen: 27 : 4 = 6, want 6 × 4 = 24. Er blijven 3 kinderen over.
- Antwoorden: die 3 kinderen moeten ook mee. Er is dus nog een auto nodig: 7 auto’s.
6 volle auto’s, en in auto 7 de laatste 3 kinderen.
Controle: Controleer het: 7 auto’s met 4 plekken zijn 28 plekken. Dat is genoeg voor 27 kinderen, en met 6 auto’s (24 plekken) lukt het niet. Het antwoord 7 klopt.
Zo leg je het uit aan je kind. Pak 27 knopen en een paar bakjes als auto’s. Laat je kind steeds 4 knopen in een bakje doen. Na 6 bakjes liggen er nog 3 knopen over. Vraag: “Mogen die thuisblijven?” Zo voelt je kind zelf waarom je bij deze som een auto extra nodig hebt, ook al is de rest maar klein.
Redactiesommen oefenen: probeer het stappenplan
Oefen het stappenplan met een echte som
Kies een som die bij je kind past en los hem stap voor stap op. Bij elke stap krijgt je kind een tip als het misgaat. Zo oefent het de aanpak, niet alleen het antwoord.
De som: 27 kinderen gaan op schoolreis. In elke auto passen 4 kinderen. Hoeveel auto’s zijn er nodig?
Stap 1 van 41 / 4
Kies een antwoord. Daarna zie je de uitleg.
Redactiesommen per groep: voorbeelden van groep 4 tot en met 8
Redactiesommen worden elk jaar langer en hebben meer stappen. Dit zijn typische sommen per groep. Je kunt ze thuis gebruiken als voorbeeld.
| Groep | Soort som | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Redactiesommen groep 4 | Optellen en aftrekken tot 100; eerste keersommen | Er zitten 23 kinderen in de klas. 5 zijn ziek. Hoeveel zijn er op school? |
| Redactiesommen groep 5 | Keer en delen, met rest; geld en tijd | Een pak heeft 6 eieren. Je hebt er 20 nodig. Hoeveel pakken koop je? |
| Redactiesommen groep 6 | Grotere getallen, eenvoudige breuken, meten | Een pizza heeft 8 stukken. Jij eet een kwart. Hoeveel stukken zijn dat? |
| Redactiesommen groep 7 | Verhoudingen, kommagetallen, schaal | Voor 4 personen heb je 300 gram pasta nodig. Hoeveel voor 6 personen? |
| Redactiesommen groep 8 | Procenten, meerdere stappen, tabellen en grafieken | Een fiets kost 240 euro. Met 15% korting: wat betaal je? |
Bij redactiesommen in groep 4 kun je het verhaal nog naspelen met speelgoed of geld. Vanaf redactiesommen in groep 6 werkt een tekening of een strook beter. In groep 7 en groep 8 is de verhoudingstabel het belangrijkste hulpmiddel. Die kom je ook tegen bij de doorstroomtoets.
Voor 4 personen heb je 300 gram pasta nodig. Hoeveel gram heb je nodig voor 6 personen?
- Lezen: je zoekt het aantal grammen voor 6 personen.
- Ordenen: maak een tabel met twee rijen, personen en gram. Zet 4 en 300 onder elkaar.
- Rekenen: van 4 naar 2 personen is de helft, dus 150 gram. Van 2 naar 6 is keer 3, dus 450 gram.
- Antwoorden: voor 6 personen heb je 450 gram pasta nodig.
| personen | 4 | : 2 → | 2 | × 3 → | 6 |
|---|---|---|---|---|---|
| gram | 300 | 150 | 450 |
Wat je boven doet, doe je onder ook.
Controle: Schat het: 6 personen is anderhalf keer zoveel als 4. Anderhalf keer 300 is 450. Dat klopt.
Zo leg je het uit aan je kind. Teken samen een tabel met twee rijen, personen en gram, en schrijf bij elke pijl wat je doet: “: 2” en “× 3”. Laat je kind hardop zeggen: “Wat ik boven doe, doe ik onder ook.” Dat is de hele truc van de verhoudingstabel. Oefen het daarna met een echt recept uit jullie keuken.
Tekeningen en modellen die echt helpen
- De tekening: voor jonge kinderen. Stipjes, streepjes of poppetjes zijn genoeg. Het gaat om de hoeveelheden, niet om mooi tekenen.
- De strook: een lange balk die je in stukken verdeelt. Ideaal voor breuken en procenten: een kwart van de strook, 15% van de prijs.
- De getallenlijn: handig bij tijd, afstand en afstanden tussen getallen. “Van 9:45 tot 11:10 is hoe lang?” teken je als sprongen op een lijn.
- De verhoudingstabel: voor alles wat “per” is: per persoon, per kilo, per uur. Vanaf groep 6 en 7 het belangrijkste hulpmiddel.
- Een schema of lijstje: bij sommen met veel gegevens. Schrijf op wat je weet en wat je zoekt.
Laat je kind zelf kiezen welk model het gebruikt. Vraag daarna: “Waarom koos je dit?” Kinderen die hun model kunnen uitleggen, maken minder fouten. Ze snappen dan wat er in de som gebeurt.
Veelgemaakte fouten bij redactiesommen, en hoe je helpt
- De verkeerde vraag beantwoorden: je kind rekent de korting uit, terwijl de vraag is wat je betaalt. Laat het de vraag eerst in eigen woorden herhalen.
- De rest vergeten: bij “hoeveel auto’s” moet je naar boven afronden, bij “hoeveel volle dozen” juist naar beneden. Vraag: wat betekent de rest in dit verhaal?
- Alle getallen gebruiken: sommige sommen geven extra getallen die je niet nodig hebt. Streep de getallen door die niet bij de vraag horen.
- Geen eenheid: “450” is geen antwoord, “450 gram” wel. De eenheid laat zien of het antwoord bij de vraag past.
- Te snel rekenen: wie meteen begint met rekenen, slaat het ordenen over. Laat je kind eerst tekenen, ook als het denkt dat het niet nodig is.

Zo helpt Hippa bij redactiesommen
- Sommen over verdelen met rest, recepten, aanbiedingen, geld en tijd, per groep opgebouwd.
- Dezelfde som komt terug als verhaal, als tabel en als kale som, zodat je kind de samenhang ziet.
- Bij een fout helpt Hippa met de eerste stap van het stappenplan, niet met het antwoord.
- De tafels en het rekenen met tijd oefent je kind ook, als basis onder de verhaaltjessommen.
- Jij ziet in het ouderoverzicht welke onderwerpen aandacht vragen.
Maandelijks opzegbaar
Per maand
€ 6,99 per maand
Voor 1 kind. Elk extra kind € 4,99 per maand.
Start met Hippa3 maanden gratis + gratis etui
Per jaar
€ 59,99 per jaar
Voor 1 kind. Elk extra kind € 39 per jaar.
Kies het jaarJe betaalt met iDEAL of creditcard. Hippa werkt in de browser op tablet, laptop en computer, en als app op Android.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen redactiesommen en verhaaltjessommen?
Er is geen verschil. Redactiesommen, verhaaltjessommen, verhaalsommen en contextsommen zijn allemaal rekenopgaven in een verhaaltje. Welke naam de school gebruikt, hangt af van de rekenmethode. Op toetsen en in de doorstroomtoets in groep 8 heten ze vaak contextopgaven. De aanpak is in alle gevallen hetzelfde.
Hoe leer ik mijn kind redactiesommen maken?
Gebruik steeds hetzelfde stappenplan: lees de vraag, orden de gegevens met een tekening of tabel, reken uit en controleer of het antwoord bij de vraag past. Oefen met één of twee sommen per keer en laat je kind hardop vertellen wat het doet. Vraag de leerkracht welk stappenplan de school gebruikt, dan doen jullie hetzelfde.
Mijn kind kan goed rekenen, maar maakt veel fouten bij verhaaltjessommen. Hoe kan dat?
Dan ligt het probleem meestal bij het lezen of bij het kiezen van de som. Je kind leest te snel, gebruikt de verkeerde getallen of beantwoordt een andere vraag dan er gesteld wordt. Oefen dan vooral de eerste twee stappen: de vraag herhalen in eigen woorden en een tekening maken, voordat het gaat rekenen.
Wat is de LOVA-methode?
LOVA staat voor Lezen, Ordenen, Vormen en Antwoorden. Het is een bekend stappenplan voor redactiesommen. Je kind leest de som, ordent de gegevens die het nodig heeft, maakt er een rekensom van en geeft een antwoord dat bij de vraag past. Veel scholen gebruiken LOVA of een vergelijkbaar plan.
Hoe oefen ik redactiesommen voor de doorstroomtoets in groep 8?
In groep 8 hebben de sommen vaak meerdere stappen en gaan ze over procenten, verhoudingen, schaal en informatie uit tabellen. Oefen het stappenplan en de verhoudingstabel. Schatten helpt om fouten te vinden. Lees ook onze uitleg over de doorstroomtoets, met voorbeeldvragen en een planning tot de toets.
Wat kost Hippa?
Hippa kost € 6,99 per maand voor één kind en is maandelijks opzegbaar. Met een jaarabonnement betaal je € 59,99 per jaar (3 maanden gratis). Een extra kind kost € 4,99 per maand. Je kind oefent redactiesommen, en daarnaast tafels, klokkijken, lezen en spelling, op het eigen niveau.
Bronnen
- SLO, TULE rekenen-wiskunde kerndoel 24: wiskundig inzicht en handelen
- SLO, TULE rekenen-wiskunde kerndoel 25: aanpakken onderbouwen
- SLO, Tussendoelen rekenen-wiskunde po (2017)
Deze pagina is geschreven door het Hippa-team op basis van de SLO-leerlijnen en de genoemde bronnen. Laatst bijgewerkt op 20 oktober 2026. Zie je iets dat niet klopt? Mail ons via hallo@gohippa.com.


