Rekenen · groep 7 en 8

Procenten berekenen: zo leg je het stap voor stap uit

Procenten berekenen begint met één idee: procent betekent per honderd. 25% is 25 van de 100, en dat is een kwart. Met een paar vaste ankers reken je bijna elk percentage uit: 50% is de helft, 25% een kwart, 10% is delen door 10 en 1% is delen door 100. Bij korting reken je eerst uit hoeveel er af gaat, en haal je dat daarna van de prijs af.

In het kort

  • Procent betekent per honderd. 100% is het hele bedrag of de hele groep.
  • Onthoud de ankers: 50% is de helft, 25% een kwart, 10% delen door 10, 1% delen door 100.
  • Lastige percentages maak je van ankers: 30% is 3 keer 10%, 15% is 10% plus 5%.
  • Bij korting: reken eerst de korting uit en trek die af. Of reken meteen uit hoeveel procent je betaalt.
  • Procenten, breuken en kommagetallen zijn drie manieren om hetzelfde te zeggen: 25% = 1/4 = 0,25.

Wat betekent procent?

Het woord procent komt van “per centum”: per honderd. 40% betekent 40 van elke 100. Bij 40% van de kinderen gaat het dus om 40 van elke 100 kinderen. Het hele bedrag, de hele groep of de hele prijs is altijd 100%. Wie dat begrijpt, kan procenten bijna altijd terugbrengen tot een gewone som.

Een procent is eigenlijk een breuk met 100 eronder. 25% is 25/100, en dat is hetzelfde als 1/4. Daarom kun je veel percentages uitrekenen met een deelsom die je al kent. Dat zijn de ankers die je kind zo snel mogelijk uit het hoofd moet kennen.

De ankers bij procenten berekenen
ProcentAls breukZo reken je het uit
100%het geheelniets doen
50%1/2de helft: delen door 2
25%1/4een kwart: delen door 4
20%1/5een vijfde: delen door 5
10%1/10een tiende: delen door 10
1%1/100een honderdste: delen door 100

Procenten uitrekenen met de ankers

Staat het percentage niet in de tabel, dan bouw je het op uit ankers. 30% is 3 keer 10%. 15% is 10% plus de helft daarvan (5%). 75% is 50% plus 25%, of drie keer 25%. En met 1% kun je elk percentage maken: SLO noemt deze 1%-regel als strategie voor groep 7 en 8.

Voorbeeld: 30% van 80 lootjes

Bij een loterij hebben 30% van de 80 lootjes een prijs. Hoeveel lootjes zijn dat?

  1. Het geheel, 100%, is 80 lootjes.
  2. 10% is delen door 10: 8 lootjes.
  3. 30% is 3 keer 10%: 3 × 8 = 24.
  4. Er zijn 24 lootjes met een prijs.

80 lootjes

8888888888
30% = 24 lootjes

Controle: 30% is iets minder dan een derde. Een derde van 80 is ongeveer 27. 24 is iets minder, dus het klopt.

Zo leg je het uit aan je kind. Teken een lange strook en zet er 80 boven. Verdeel de strook in tien gelijke vakjes en vraag hoeveel er in elk vakje zit. Kleur daarna drie vakjes. Je kind ziet zo dat 30% niets anders is dan drie stukjes van tien, en dat het die vakjes gewoon kan optellen.

Procenten berekenen oefenen

Oefen procenten berekenen

Kies procent van een getal, lastigere procenten of korting. Bij een fout antwoord krijgt je kind een tip die de weg wijst, niet het antwoord. Daarna zie je de strook of de verhoudingstabel met elke stap.

De helft1 / 3

50% van de 36 kinderen in de klas komt op de fiets. Hoeveel kinderen zijn dat?

Kies een antwoord. Daarna zie je de uitleg.

Korting berekenen: wat betaal je?

Bij korting berekenen gaat het vaak mis bij de laatste stap. Veel kinderen rekenen netjes uit hoeveel de korting is, en schrijven dat op als antwoord. Maar de vraag is meestal wat je moet betalen. Er zijn twee goede manieren.

  1. Korting eraf: reken uit hoeveel euro de korting is, en trek dat af van de oude prijs.
  2. Meteen wat je betaalt: bij 25% korting betaal je 75% van de prijs. Reken dat percentage uit.
Voorbeeld: sneakers met 25% korting

Sneakers kosten 60 euro. In de uitverkoop krijg je 25% korting. Wat betaal je?

  1. 25% is een kwart. Een kwart van 60 is 60 : 4 = 15 euro. Dat is de korting.
  2. Trek de korting af van de prijs: 60 − 15 = 45.
  3. Je betaalt 45 euro.

60 euro

15151515
korting 15je betaalt 45

Controle: Andere manier: je betaalt 75% van 60. 50% is 30 en 25% is 15, samen 45 euro. Beide manieren geven hetzelfde, dus het klopt.

Zo leg je het uit aan je kind. Neem de reclamefolder erbij en zoek een aanbieding met korting. Laat je kind eerst de korting uitrekenen en vraag dan: “En wat ligt er nu bij de kassa?” Door het altijd in twee stappen hardop te zeggen, korting en dan betalen, vergeet je kind de laatste stap niet meer.

Let ook op het verschil tussen een percentage en een bedrag. 20% korting op een jas van 50 euro is 10 euro. Een andere winkel geeft 8 euro korting. Het getal 20 is groter dan 8, maar de korting van 10 euro is het meest. Vergelijk dus altijd bedragen met bedragen.

Procenten met een verhoudingstabel

Bij lastige getallen is de verhoudingstabel het overzichtelijkst. Zet op de bovenste rij de procenten en op de onderste rij het bedrag of aantal. Begin bij 100% en het geheel. Ga daarna via een handige tussenkolom, zoals 1% of 10%, naar het percentage dat je zoekt.

Voorbeeld: 12% van 250

Op een school zitten 250 kinderen. 12% komt met de bus. Hoeveel kinderen zijn dat?

  1. Zet 100% en 250 kinderen onder elkaar.
  2. Boven en onder delen door 100: 1% is 2,5 kinderen.
  3. Boven en onder keer 12: 12% is 12 × 2,5 = 30 kinderen.
  4. Er komen 30 kinderen met de bus.
procent100%: 100 →1%× 12 →12%
kinderen2502,530

Wat je boven doet, doe je onder ook.

Controle: 10% van 250 is 25. 12% is iets meer, en 30 is iets meer dan 25. Het klopt.

Zo leg je het uit aan je kind. 2,5 kinderen bestaat niet, en dat mag je kind ook zeggen. Leg uit dat het een tussenstap is, net als een halve pizza in een recept. Pas na de laatste stap moet er een heel getal staan. Zo leert je kind dat tussenstappen hulpmiddelen zijn en geen antwoord.

Procenten en breuken: drie manieren, één getal

In groep 8 leert je kind dat procenten en breuken en kommagetallen bij elkaar horen. Een kwart, 0,25 en 25% zijn hetzelfde getal. Wie de bekende combinaties kent, kiest bij elke som de makkelijkste vorm. Is 40% van 35 lastig? Dan denk je aan 2/5: 35 : 5 = 7, en 2 × 7 = 14.

Bekende breuken, kommagetallen en procenten
BreukKommagetalProcent
1/20,550%
1/40,2525%
3/40,7575%
1/50,220%
1/100,110%
1/1000,011%

Ook schaal en verhoudingen horen in dit rijtje. Wie procenten snapt, kan ook rekenen met schaal op een kaart: het is steeds dezelfde verhouding, op een andere manier opgeschreven.

Procenten in groep 7 en groep 8

Wat je kind meestal leert over procenten (op basis van SLO)
GroepWat je kind leertVoorbeeld
Procenten groep 7Wat procent betekent, de ankers, procent van een hoeveelheid, eenvoudige korting25% van 60 euro
Procenten groep 8De 1%-regel, korting en stijging, procenten vergelijken, breuk en kommagetalWat betaal je na 35% korting op 240 euro?

Procenten zijn een vast onderdeel van het rekendeel van de doorstroomtoets. Vaak staan ze in een verhaaltje, met een tabel of een reclamefolder erbij. Oefen daarom ook redactiesommen met procenten: lees eerst wat er gevraagd wordt, de korting of wat je betaalt.

Veelgemaakte fouten, en hoe je helpt

  • De korting als antwoord geven. De vraag was wat je betaalt. Laat je kind de vraag na het rekenen nog een keer lezen.
  • Het percentage aftrekken van het bedrag. 25% korting op 40 euro is geen 40 − 25. Een percentage is geen bedrag.
  • Van het verkeerde getal uitgaan. 100% is altijd het geheel waar het om gaat, niet het bedrag na de korting.
  • 10% als min 10 zien. 10% van 450 gram is 45 gram, niet 440 gram.
  • Percentages en bedragen vergelijken. 20% korting kan meer zijn dan 15 euro korting. Reken eerst om naar euro’s.

Zo helpt Hippa bij procenten

  • Eenvoudige percentages zoals 50%, 25% en 10%, en procenten van een hoeveelheid.
  • Korting en de nieuwe prijs, en procentuele stijging en daling.
  • Kortingsbedragen vergelijken: wat is meer, een percentage of een vast bedrag?
  • Breuken, procenten en kommagetallen in elkaar omzetten, zoals in de doorstroomtoets.
  • Bij een fout vraagt Hippa eerst wat 10% of 100% is, zonder het antwoord voor te zeggen.

Maandelijks opzegbaar

Per maand

€ 6,99 per maand

Voor 1 kind. Elk extra kind € 4,99 per maand.

Start met Hippa

3 maanden gratis + gratis etui

Per jaar

€ 59,99 per jaar

Voor 1 kind. Elk extra kind € 39 per jaar.

Kies het jaar

Je betaalt met iDEAL of creditcard. Hippa werkt in de browser op tablet, laptop en computer, en als app op Android.

Veelgestelde vragen

Hoe kun je procenten berekenen?

Begin bij 100%, het geheel. Reken daarna een handig anker uit: 10% is delen door 10, 1% is delen door 100, 50% is de helft. Maak daarmee het gevraagde percentage, bijvoorbeeld 30% als 3 keer 10%. Bij lastige getallen helpt een verhoudingstabel met procenten boven en het bedrag onder.

Hoe reken je korting uit?

Reken eerst uit hoeveel euro de korting is. Bij 25% korting op 60 euro is dat een kwart van 60: 15 euro. Trek dat af van de prijs: je betaalt 45 euro. Je kunt ook meteen uitrekenen hoeveel procent je betaalt: bij 25% korting betaal je 75% van de prijs.

Wat is 1 procent van een getal?

1 procent is een honderdste deel. Je deelt het getal door 100. 1% van 250 is 2,5 en 1% van 3000 is 30. Met 1% kun je elk ander percentage maken: 7% is 7 keer 1%. SLO noemt deze 1%-regel als strategie voor groep 7 en 8.

Wanneer leer je procenten op de basisschool?

Procenten komen meestal in groep 7 aan bod, met de ankers 50%, 25% en 10% en eenvoudige korting. In groep 8 rekent je kind ook met de 1%-regel, stijging en daling, en zet het breuken, kommagetallen en procenten om. De precieze volgorde hangt af van de rekenmethode van de school.

Hoe hangen procenten en breuken samen?

Een procent is een breuk met 100 eronder. 25% is 25/100, en dat is gelijk aan 1/4 en aan 0,25. Zo is 50% een half, 20% een vijfde en 10% een tiende. Wie die combinaties kent, kan bij elke som de makkelijkste vorm kiezen en rekent veel sneller.

Wat kost Hippa?

Hippa kost € 6,99 per maand voor één kind en is maandelijks opzegbaar. Met een jaarabonnement betaal je € 59,99 per jaar (3 maanden gratis). Een extra kind kost € 4,99 per maand. Je kind oefent procenten en verhoudingen, en daarnaast breuken, lezen en spelling, op het eigen niveau.

Bronnen

Deze pagina is geschreven door het Hippa-team op basis van de SLO-leerlijnen en de genoemde bronnen. Laatst bijgewerkt op 21 oktober 2026. Zie je iets dat niet klopt? Mail ons via hallo@gohippa.com.

€ 6,99 per maandMaandelijks opzegbaar

Aanmelden